maandag 15 juni 2020

Beloning



Een zomers aanvoelende zaterdagavondwandeling door de binnenstad stemde mij blij. De alsmaar uitdijende terrassen zaten gewoon vol, een beloning voor de horeca. Wel met overwegend jongeren, want de zestigplusser zat natuurlijk braaf thuis voor de buis. De volle terrassen oogden ontspannen en sfeervol. Misschien is de anderhalve meterregeling op het terras nog niet zo slecht, ofschoon de anderhalve meterregeling amper te handhaven is ademde het terras ruimte en privacy uit. Buiten zijn leeft weer en voelt weer vrij. Gelukkig maar. Dat merk ik ook als ik mensen spreek op straat. Alleen sluipt het verraderlijke virus nog steeds door naden en kieren en loert op mensen die hun immuunsystemen niet op orde hebben. Vandaar dat ik altijd een zogenaamde vliegenmepper in de buurt heb, want wie weet moeten we wachten tot Sint Juttemis.

Naast het virus is er gelukkig weer ruimte om over het andere zaken te hebben, dat voelt wel weer lekker. Ik kwam mijn sympathieke neef tegen op het Fonteinpleintje. Mijn neef is recht voor zijn raap. Wat ie vindt, dat vindt ie. Zo heeft mijn neef een chronische hekel aan ambtenaren in het Stadhuis, want die snappen niks van hoe de economie werkt in de Bossche binnenstad. Ze bedenken alleen maar plannen achter hun bureau. Zijn chronische hekel komt niet uit de lucht vallen, want zijn vrouw heeft een winkel in de binnenstad. Dus kom niet aan de middenstander! Het eerste wat hij zei tegen mij: ‘snap jij nou dat ze de Berckelstraat willen afsluiten voor het autoverkeer. Dat zijn mensen die allemaal naar de binnenstad willen om te winkelen. Zijn ze gek geworden’? 

En dat vroeg de voorzitter van ondernemingsvereniging Hartje Den Bosch zich ook al af. ‘Het is zelfs onacceptabel’, zei hij. ‘Klopt, zo jaag juist de bezoekers de binnenstad uit’, zei mijn neef. Zou het?, wierp ik tegen. Je kunt toch de auto op een transferium parkeren en dan met de bus naar de binnenstad gaan? Ik ben wel voorstander van een autoluwe binnenstad. Bovendien gaan steeds meer mensen met de elektrische fiets - die ook snel is – naar de binnenstad. Mijn neef keek me aan of ie water zag branden. Het liefst had hij mijn mond gesnoerd met een mondkapje. ‘Jij praat net als die ambtenaren. Ik spreek je later wel weer, nu moet ik weg’. Jammer, want ik had mijn neef nog willen vragen wat hij vindt van het pas opgeleverde 30 km kanaalboulevard langs de Zuidwillemsvaart. Vermoedelijk zal hij dat ook wel helemaal niks vinden. 

Nou, ik vind het ook helemaal niks. In de krant las ik dat de kanaalboulevard een schitterend plan is. Er komt nog een vlonderpad met bankjes. Dat mag ik hopen. Alleen hoe kom je veilig beneden? De trap is vrij steil! Je moet geen glaasje te veel op hebben, want dan lazer je zo het water in. Voordeel is wel dat je daarna snel nuchter bent. Maar dat de steile trap is niet het enige waarover ik me heb verbaasd. De wethouders van der Geld en Kâhya vinden dat voetgangers en fietsers royaal worden beloond met meer ruimte. Hoezo? Het is nu in mijn ogen een te smalle gevaarlijke tweerichtingsweg geworden met twee brede rode fietspaden. Daar ga ik beslist niet fietsen. Voor je het weet word je door een auto gelanceerd omdat de bestuurder hoopt - door extra op het gaspedaal te drukken - net iets eerder bij een van de drie wegversmallingen te zijn dan zijn/haar tegenligger. Tsja, en wat is dan mijn beloning? Een kamer met uitzicht op de Vughtse gement!

Zomergevoel

  Ik liep in de Nieuwstraat op weg naar huis. Het regende weer eens. Mijn paraplu was mijn beschermfactor. Normaal gesproken zou je nu een z...