De trein
Kedeng, kedeng. De trein rijdt alsmaar verder. Nou, dat is niet zo vanzelfsprekend meer. Het is meer van: rijdt ie wel of rijdt ie niet? Op het informatiebord staat dat je trein over 15 minuten vertrekt. Oké, je draait je om en loopt nog even een rondje. Over een goed over een uurtje ben je thuis, denk je. Niet dus. De trein gaat niet en je moet wachten op een volgende trein. Als die gaat, je weet maar nooit. Een NS-kantoorbediende, die ineens voor machinist moet spelen, heeft misschien wel in overspannen toestand het perron verlaten. Intussen zwelt de groep reizigers aan. Het wordt dringen in de trein, want niemand wil wachten op een latere trein. Dan maar boven op elkaar staan, maar wel zonder elkaars lichaam te raken. Dat mag niet, want daar komt narigheid van. Je wilt toch niet als een tweede Marco Borsato door het leven gaan, want dan zijn je dromen echt bedrog. Waarom vertel ik dit allemaal? Ik ben afgelopen week driemaal met de trein naar verschillende bestemmingen geweest: Amst...