Mondkapje
Bij een mondkapje moet ik gek genoeg denken aan: ‘zeg roodkapje, waar ga je heen, zo alleen zo alleen’. Ik zeg dat niet zomaar, want zodra een mondkapje mijn gezicht halveert voel ik me geïsoleerd van mijn medemens, ik voel een kloof ontstaan. Ik heb er wel even over na moeten denken of ik zo’n mondkapje, of liever gezegd een zakdoek aan twee elastiekjes, wilde gaan gebruiken. Maar ja, ik wilde per se er een paar dagen tussenuit. En aangezien ik geen auto meer heb moet ik dan met de trein. Nou ja moeten, ik doe het natuurlijk mezelf aan. Edoch, de behoefte was heel groot om een paar dagen langs het Noordzeestrand te gaan pierewaaien. Immers zo langzamerhand ben ik gaar gekookt, een te hard gekookt ei geworden wat blijft plakken in je mond. Eigenlijk vind ik dat we helemaal van het padje zijn geraakt door het coronavirus. Iets anders of een andere aandoening bestaat amper nog. Ook hoor ik niemand over het uitsterven van de ijsberen, terwijl we kunnen ijsberen als de beste. Weet je, ik...